Hoe spreken we dingen in het Spaans uit?

– In het Spaans wordt  ”la Hache” nooit uitgesproken.
Dus woorden als Honduras en Ahora (nu), klinken als “Onduras en Aora”.

 

CH – Maar als we de H met een C combineren, dan krijgen we een nieuwe klank.
Denk aan coche (auto), ocho (acht) of Che Guevara.

 

C – De ce heeft twee verschillende klanken, afhankelijk van de positie in een woord.
Meestal klinkt deze letter als een K: casa (huis), cosa (ding), crisis, enz.
Maar als de ‘C’ voor de letters -e, of -i staat, dan wordt de C als een / S / zoals in “slaan” (Zuid-Amerika) of / th / zoals in “thin” in het engels (Spanje):
cielo (hemel), acento (accent) uitgesproken.

 

G – Wordt meestal als / g / (zoals “go” in het engels) uitgesproken:
gota (druppel), guante (handschoen), globo(ballon).
Maar als de ‘g’ wordt gevolgd door een -e, of een -i, dan wordt de letter bijna als / h / (zoals in “hen”) uitgesproken:
general(generaal), gitano (zigeuner). Het kan zachter of harder zijn (zoals in geweldig), afhankelijk van de regio.

 

Als een ‘u’ voor de -e, of –i staat, zoals bijvoorbeeld bij ‘guerra(oorlog)’ of ‘guitarra (gitaar)’, dan behoudt de ‘g’ z’n natuurlijke klank.

J– De Jota heeft altijd een sterke klank, en klinkt net als”Geweldig” in het Nederlands:
Juan, joder, viejo (oud)

 

Q – De ku wordt alleen gebruikt in de que / qui combinaties (ke / ki), en de “u” is altijd een stomme letter bij deze combinatie (net als in de GUE / gui).

 

Y– Klinkt als / j / in Nederlands: yo (ik), ayer (gisteren). Maar als het aan het einde van het woord staat, dan klinkt het als / ie /: Voy (ik ga), Soy (ik ben).

 

Z – la Zeta wordt als een / s / in Amerika en / th / in Spanje uitgesproken.

Slechts vier medeklinkers worden dubbel (achter elkaar) gebruikt

CC– klinkt als actie in het nederlands (/ kth / in Spanje) bijvoorbeeld Acción(actie) en acceso (toegang). Ofwel, in het eerste voorbeeld heeft de C zijn “natuurlijke klank” en het tweede de “aangepaste klank”

LL– Klinkt net als / y /: calle (straat). Het geluid van zowel Y als ll kan variëren van zeer zacht tot hard, afhankelijk van de regio. Mensen in en rond Buenos Aires bijvoorbeeld, staan bekend om hun harde (ll / y).

RR– vertegenwoordigt de beroemde “rollende r”: perro (hond), carro (auto) vs.Pero (maar), caro (duur).
Alle woorden die met een R beginnen, schrijf je altijd met 1 R maar worden als RR uitgesproken:
Reloj (horloge/klok), Rápido (snel), Rojo (rood).

NN–  wordt alleen gebruikt als een voorvoegsel met een “n” eindigt. Dan wordt deze toegevoegd aan een woord dat met “n” begint :
innecesario, connotación. Net als nodig/onnodig.
Dit maakt geen verschil voor de uitspraak, dus hou het alleen in gedachten wanneer je deze woorden moet opschrijven.

Er zijn geen andere medeklinkers die achter elkaar worden gebruikt in het Spaans

Klinkers

Spaans heeft vijf klinkers –a, e, i, o, u-. Deze worden altijd op dezelfde manier uitgesproken, ongeacht de positie in een woord.
Dit is een stuk makkelijker dan in het Nederlands omdat we geen klinkers met elkaar combineren.
Elke klinker heeft zijn eigen geluid en ze klinken altijd hetzelfde.
We hebben alleen maar “open” klinkers.

A– zoals in “maan”: casa (huis), alma (ziel)

E– zoals in “zeef”: lee (leest), cena (avond eten)

I– zoals in “wie”: mil (duizand), millaje (mijlstand)

O– zoals in “pot”: oso (beer), hoja (blad)

U– zoals in “moe”: Honduras, tu (jouw)

 

 

Hier een leuke filmpje van Joanna Rants (in het Engels) over verschillende Spaanse accenten…