Spaans beginners platform

Extra: Tips om sneller te praten

divisor

Hoe kan je makkelijker en sneller praten?

Om een nieuwe taal snel te kunnen spreken, regels en woordenschat leren is niet genoeg. Dat is natuurlijk een deel van een taal leren. Begrijpen hoe de taal in elkaar zit, volgorde van de woorden, woorden leren, enzovoort. Dit is het deel waarin meeste taalcursussen zich focussen. Maar bijna niemand geeft aandacht aan de andere helft, die net zo belangrijk is. Dat is, hoe moet je denken om in een nieuwe taal te spreken. Dit heb ik keer op keer gezien met honderden studenten. Waarom zijn er studenten die (met dezelfde kennis) veel sneller dan anderen kunnen praten?

Er zijn in het kort 2 manieren om een nieuwe taal te leren spreken:

1- De natuurlijke manier: Dit is hoe je Nederlands en (in mindere mate) Engels hebt geleerd. Dit is ontzettend veel contact met de taal hebben (input) totdat je brein de structuur van de taal intuïtief kan reproduceren. Je hoef de taal niet eens te begrijpen om de taal te gebruiken. Dit klinkt mooi natuurlijk maar het is een extreem lang en traag proces. Denk aan Engels. Hoeveel duizenden uren Engels input heb je in je leven gehad als je tv programas, films, muziek, boeken, enzovoort optelt?

 2- De versnelde manier: Alle studenten die in korte tijd in het Spaans kunnen communiceren, delen een aantal eigenschappen.

 

 

– Nooit vertalen!

– Simplificatie

– Vanuit Spaans denken

– Eerst idee dan woorden

– “neutrale” termen gebruiken

– Focus

– Flexibiliteit 

 

 

 

De meest voorkomende “fout” is dingen letterlijk vertalen vanuit je moedertaal. Dit is volkomen normaal. Dat doen we allemaal instinctief. Maar als je dat doet ga je vrij snel merken dat je woorden en structuren wilt gebruiken dat je in het Spaans nog niet kent of zelfs niet eens bestaan! Resultaat? je loopt na 3 woorden vast. De oplossing? Je zin vanuit Spaans maken. Oftewel, in het Spaans denken! Ik weet wat je denkt, dat is makkelijker gezegd dan gedaan toch? Misschien, maar er zijn een paar trucjes dat je kan gebruiken om dit te oefenen.

Denk eerst wat de boodschap is en dan kies hoe je het gaat zeggen. Er zijn altijd meerdere manieren om iets te zeggen. Als je letterlijk vanuit Nederlands wilt vertalen dan ben je alleen bezig met de volgend woord in je hoofd en niet met de boodschap! Tenzij er meerdere andere (simpelere) alternatieven zijn met woorden in het Spaans dat je al kent. Vraag jezelf altijd, “wat is de makkelijkste manier om te communiceren wat ik wil met de elementen wat ik heb”. “Is er een andere manier om dit te kunnen zeggen?”

 

Ik geef je een voorbeeld, Je wilt zeggen “we zitten in het plein een wijntje aan het drinken”. Als je letterlijk vertaalt, de kans is groot de je bij “zitten” al vastloop. Je brein is alleen maar gefocust op “wat is zitten in het Spaans”? Maar als je “zoomout” en op de boodschap gaat focussen, dan kan je makkelijk andere alternatieven bedenken, bijvoorbeeld “Estamos en la plaza bebiendo un vino” of “bebemos un vino en la plaza”, enzovoort. Met andere woorden, ga van abstract naar concreet. Eerst de boodschap (wat), dan de woorden (hoe). Om dit te kunnen moet je een andere tool gebruiken, simplificatie: Een taal (elke taal) is ontzettend complex, daarom moet je dingen versimpelen. In het Nederlands gebruik je alle soort details en nuances om iets te zeggen of te beschrijven. In het Spaans moet je (in het begin) minder specifiek en vooral heel flexibel kunnen zijn. Dit is vooral belangrijk als het over complexe ideen gaat. Je kan altijd complexe ideen communiceren zolang je flexibel genoeg bent om een omweg te vinden. Hier is een ander voorbeeld: Je wilt in het Nederlands vragen of “er iemand beschikbaar op korte termijn is om de problemen met de elektriciteit op te lossen”. Ok, je hoef niet al deze woorden in het Spaans te weten om dit te kunnen communiceren. Een aantal opties zouden kunnen zijn “No hay electricidad, necesito ayuda ahora”, “no tengo luz, quiero una persona rápido”, enzovoort. Je begrijpt het idee toch?

 

Om dit techniek te beheersen heb je natuurlijk een goede basis nodig. En dat is precies wat we tijdens de boostercursus doen. Je hoef geen duizenden woorden te leren om in het Spaans te kunnen communiceren. Je hebt de juiste woorden nodig. Ik heb het vaak gezien. Mensen die ontzettend veel woorden en grammatica kennen maar niks kunnen zeggen. Het is misschien een beetje een cliché, maar minder is meer. Wat we tijdens de boostercursus doen is focussen in een aantal woorden die heel “flexibel” zijn. Woorden dat je in veel verschillende contexten kan gebruiken om een idee op een simpele manier uit te kunnen leggen. Dat gezegd hebbende, deze woorden dat we tijdens de cursus leren en deel maken uit het online platform moet je 100% onder de knie te krijgen. Als je veel woorden “een beetje” kent kan je bijna niks zeggen, maar als je de juiste woorden echt leert en flexibel kan gebruiken, kan je heel veel zeggen. Met andere woorden. Je heb focus nodig. Zorg dat je de basis goed onder controle hebt voor dat je naar de volgende gaat.

Laatste tip. Vermijd het gebruik van figuratieve taal (uitdrukkingen/beeldspraak, enzovoort). Dit resulteert bijna gegarandeerd in (vaak grappige) fouten. Bijvoorbeeld, als je iets makkelijk vindt, zeg geen “manzanita, huevito” (appeltje, eitje) maar gewoon “fácil”.    

 

 

Goed nieuws is dat je dit allemaal kan oefenen! En dat is precies wat we doen. Al onze lessen zijn ontworpen rond deze principes. Dus, als samenvatting: 

– Nooit vertalen!

– Simplificatie

– Focus

 

 

– Flexibiliteit

– Vanuit Spaans denken

– Eerst idee dan woorden

– Vermijd figuratieve taal

 

 

divisor